05-02-2008 - Puur Natuur

Ik werd door iemand geattendeerd op een bordje bij een perceel aan de Zuiderdrift bij Roderesch, volgens hem daar volledig misplaatst. Dat mag je wel zeggen als je de terreingesteldheid in ogenschouw neemt! Vorig jaar stonden hier lelies, een teelt die zeer veel gif en water behoeft. Toen zullen daar zeker geen vogels hebben gebroed en wellicht wordt er dit jaar mais verbouwd en dat levert ook nauwelijks iets aan broedvogels op.

. Het bordje stamt dan ook uit betere tijden toen het nog een weiland was. Ik vraag me daarbij af of deze een goede bezetting aan broedvogels heeft gekend omdat het terrein daar niet echt geschikt voor lijkt. Eigenlijk geldt dat voor het hele Steenbergerveld al heeft het andere tijden gekend.
Toen ik hier begin jaren negentig van de vorige eeuw kwam wonen hoorde ik daar in de broedtijd zelfs de Grutto roepen en daar waren meerdere territoria. Nu komen ze hier niet meer voor want deze soort heeft daar niets te zoeken.
Zelfs in een vermaard gebied als de Bolmert, ten zuiden van het Leekstermeer, is de stand hard achteruit gegaan. De oorzaak is bekend: de reguliere boeren vertrokken en daarmee de mest van het vee die onontbeerlijk is voor allerlei bodemleven waar weidevogels op afkomen. De vogelwerkgroep van IVN Roden is daar in het verleden druk doende geweest met inventariseren en bescherming van deze vogels.
En passant werd het weidevogelreservaat ‘Roderwolde’ erbij gedaan. De eerste gegevens kwam ik in een Contactorgaan van 1969 tegen en die waren van een jaar daarvoor. In de Bolmert broedden toen 101 paartjes weidevogels, waaronder maar liefst 46 Grutto’s en 14 Watersnippen. Bij Roderwolde waren er 22 legsels van de Grutto en 20 van de Kievit.
Uit de bijgaande tekst blijkt dat men daar al langer mee bezig was: “De werkzaamheden in ’68 bestonden achtereenvolgens uit het vervangen, controleren en waar nodig herstellen van de borden”. Die bordjes waren er dus al lang geleden en het IVN liet deze ook vervaardigen.
Toen waren in Roderwolde R.P. Cremer en I.Zuidland actief en oud-voorzitter Kees Wolf in de Bolmert. Laatstgenoemde werd in 1982 afgelost door Koen Vogt die toen een topjaar beleefde met 87 paartjes Kieviten, Grutto 41, Scholekster 34, Tureluur 24 en zelfs 9 paartjes Kemphanen. In het broedgebied Roderwolde was het ook feest met 164 paartjes weidevogels met 12 paar Veldleeuweriken. Daarbij wel de aantekening dat het Matslootgebied voor een deel werd mee geïnventariseerd. Gebrek aan vrijwilligers noopte de werkgroep in 1988 er toe de tellingen daar te staken en niet veel later was het ook in de Bolmert over en uit; de belangen kwamen elders te liggen.
Leden van de werkgroep komen nog wel in het gebied en soms wordt daar nog eens structureel geteld, maar zoals gemeld is het daar nogal veranderd. De terreinen zijn verruigd, met veel Pitrus, en dat levert andere soorten op. De aanstaande herinrichting in het kader van de waterberging zal het aantal weidevogels verder doen afnemen al zijn er partijen, waaronder IVN Roden, die pleiten voor compenserende maatregelen. Tevens zijn er recreatieve voorzieningen gepland die ronduit nadelig voor de natuur uitpakken. Ondernemers willen de mensen doen geloven dat recreatie en natuur heel goed kunnen samengaan, maar dat is kletskoek. Goedgelovige lezers geloven dat misschien, echter het één gaat altijd ten koste van het ander. Van onze bestuurders weten we dat ze net zo redeneren. De massale woningbouw willen ze verkopen als ‘goed voor het groen’, hoe durven ze. Logisch dat daar veel tegengas wordt gegeven!
Met de weidevogels gaat het dus heel slecht en dat is een nationaal zo. Er zijn ‘weidevogelliefhebbers’ die graag de Vos daar de schuld van geven. Dat is onzin want op de waddeneilanden, waar vossen niet voorkomen, gaat de weidevogelstand ook dramatisch achteruit.
Toch zijn er nog wel goede gebieden in onze omgeving, zelfs bij het Leekstermeer, en die moet je dan wel koesteren. Het aanleggen van bijvoorbeeld fietspaden daar, uiteraard leuk voor de mensen, heeft significant nadelige effecten op de weidevogelstand. Wat mij betreft had dat fietspad tussen Steenbergen en ‘het gedrocht’ van de N.A.M. daar niet hoeven te komen. Het versnippert het landschap en is slecht voor de Gruttopopulatie. Voor de weidevogels is het te hopen dat het geen voltooid verleden tijd wordt.