07-06-2011 - Per 1 juli verscherpte controles op rechtspersonen

Voor het oprichten of het wijzigen van statuten van een besloten of naamloze vennootschap was altijd een verklaring van geen bezwaar nodig. Een vergunning van het ministerie van veiligheid en justitie waarbij voor de oprichting de oprichters werden gescreend op met name hun financiële verleden. De notaris verzorgde die vergunning. Dat preventieve toezicht zal worden vervangen door een nieuw systeem van doorlopende controle (achteraf) van rechtspersonen. De Wet tot wijziging van onder meer Boek 2 Burgerlijk Wetboek en de Wet documentatie vennootschappen treden op 1 juli 2011 in werking en beogen het voorkomen en bestrijden van misbruik van rechtspersonen te verbeteren. Na die datum is een verklaring van geen bezwaar dus niet meer nodig.
Omdat alleen voor het oprichten en wijzigen van statuten een verklaring van geen bezwaar nodig was en voor een aandelenoverdracht niet, kon de regeling gemakkelijk worden ontgaan door een ander te laten oprichten en daarna de aandelen over te nemen. Het ministerie probeerde dat wel te voorkomen maar het toezicht schoot daar te kort. Bovendien kan men heel eenvoudig een buitenlandse vennootschap oprichten, waarvoor geen verklaring van geen bezwaar nodig is.
In het nieuwe systeem kan een verscherpte controle worden uitgeoefend wanneer er op basis van de beschikbare gegevens een verhoogd risico bestaat dat misbruik wordt gemaakt van of door rechtspersonen. Onder misbruik van rechtspersonen moet volgens de wet worden verstaan het gebruik van een rechtspersoon voor ongeoorloofde doeleinden. Hieronder worden in ieder geval misdrijven en overtredingen van financieel-economische aard door of door middel van een rechtspersoon begrepen, waaronder het gebruik van een rechtspersoon met het oog op het benadelen van zijn schuldeisers en financiering van terroristische organisaties en witwaspraktijken.
Het nieuwe systeem van doorlopende controle wordt uitgebreid van naamloze- en besloten vennootschappen tot coöperaties, onderlinge waarborgmaatschappijen, verenigingen met volledige rechtsbevoegdheid, stichtingen, Europese naamloze vennootschappen, Europese coöperatieve vennootschappen en Europese economische samenwerkingsverbanden, die volgens hun statuten hun zetel in Nederland hebben.