VEENHUIZEN - Koloniekak, het nieuwe boek van Mariët Meester, is een bijzonder boek. De schrijfster groeide zelf op in het gevangenisdorp Veenhuizen, en kon dan ook als geen ander het dagelijkse leven beschrijven van binnenuit.
Veenhuizen is het enige dorp in Nederland waar tot in de jaren tachtig van de twintigste eeuw alleen mensen woonden die in dienst van de 'gestichten' waren. In Koloniekak. Leven in een gevangenisdorp beschrijft Mariët Meester aan de hand van tientallen interviews deze wonderlijke gemeenschap, waar altijd rekening gehouden moest worden met vaste voorschriften en gebruiken. Met als leidraad de herinneringen van oud-inwoners neemt ze de lezer mee naar de kolonie die ooit werd gesticht door de Maatschappij van Weldadigheid als opvang voor grote aantallen verschoppelingen. In de loop van de twintigste eeuw werd Veenhuizen steeds meer een gevangenisdorp. De justitieambtenaren kwamen veelal van buiten Drenthe, zij spraken en gedroegen zich anders, en kregen daarom van de Drenten de naam Koloniekak toebedacht.
Voor wie Veenhuizen niet kent is het vrijwel ondenkbaar dat gedetineerden de tuinen van de inwoners verzorgden, samen met de inwoners naar de kerk gingen en dat kinderen naar school werden gebracht per gevangenisbus, de zgn. boevenbus. Even ondenkbaar is het dat er bij elke promotie een ander huis hoorde. Het waren dit soort emolumenten die het werken in het dorp aantrekkelijk moesten maken. Het boek beschrijft hoe ontmoetingen onontkoombaar bleven, ook toen er talloze oorlogsdelinquenten naar het dorp kwamen. Inwoners vertelden de schrijfster hoe oorlogsmisdadigers zoals Franz Fischer - één van de latere Drie van Breda - betrekkelijk veel vrijheid in Veenhuizen hadden. Net als andere gedetineerden werkten zij in de tuinen van de bevolking, op de boerderijen en in de werkplaatsen. In Koloniekak geen journalistieke opzet, maar een speelse thematische indeling die de lezer vanzelf meeneemt in de verhalen. Lichte anekdotes worden afgewisseld met herinneringen die lang waren verdrongen en die nu verteld moesten worden. Het boek leest bijna als fictie. Een beschrijving van binnenuit van de twintigste eeuw was er nog niet. Het is mooi dat met Koloniekak de andere kant van het leven in Veenhuizen wordt geschetst van Suzanna Jansens Pauperparadijs. Daar waar het Pauperparadijs eindigt gaat Koloniekak verder, vanuit het perspectief van de mensen die in Veenhuizen woonden en werkten. Koloniekak (142 blz.) verschijnt op 31 mei. Het boek kost 12,50 euro en is te koop in de boekhandel en rechtstreeks bij de uitgever (www.hetdrentseboek.nl)