‘Mijn definitie van kunst?’ Iwe Hut proeft de vraag en zegt dan: “Kunst is kunnen, maar dat is te abstract. Laat ik het zó definiëren: Kunst is ambacht, zwoegen en zweten, maar ook proberen het beste qua creativiteit uit jezelf te halen. Kunst is goed voor je geest. Als kunst zelfs maar een stukje emotie, bij jezelf of bij anderen, los maakt, is het goed. Iederéén heeft creativiteit in zich, het is maar hoe je die ontwikkelt. En ach, ieder mens moet verder maar voor zichzelf bepalen wat kunst ís.” Mooi gezegd, doordacht en zonder poeha. Precies zoals Iwe Hut is. En denkt.
Vier jaar geleden schreven we hier al eens over de nu 62-jarige, aan de Kaatsweg op de grens van Roden en Roderesch geboren boerenzoon uit een gezin van acht kinderen. Als jongste was hij al een buitenbeentje op creatief gebied met veel oog voor de natuur die hij in schetsjes vastlegde. Op de lagere school in Roderesch had ie het geluk, dat meester Veenhof die zelf ook schilderde, zijn creatieve begaafdheid onderkende en hem de ruimte gaf, die te ontwikkelen. Op de mulo in Roden had ie dat geluk wéér. Zijn tekenleraar daar, meneer Turksema, stimuleerde hem om dóór te gaan op de academie Minerva in de stad Groningen om uiteindelijk van schilderen zijn beroep te maken. Maar daar was én zijn vooropleiding onvoldoende voor én je zou, zo was de ook toen algemeen heersende mening, in dat vak geen droog brood kunnen verdienen. Het werd daarom iets heel anders: de administratieve sector. Maar schilderen blééf Iwe Hut boeien. Als grotendeels autodidact is hij ook nu regelmatig in zijn van garage tot atelier verbouwde domein naast zijn woning in de Kymmelstraat in Roden te vinden. Hij schildert er niet alleen zelf – ‘vroeger veel in olieverf, nu vooral in acryl; dat gaat lekker vlot’- maar draagt zijn kennis ook over aan groepjes amateur-enthousiastelingen. “Heerlijk vind ik dat om anderen te begeleiden, te stimuleren en enthousiasmeren,”zegt hij.
In het jubileumnummer van het clubblad Schildersverdriet van de Teken en Schildergroep Roden kreeg Iwe Hut recent een hele pagina toebedeeld als één van de oprichters van die TSR. Daarvan nam hij na een jaar of tien, waarin hij eveneens op bestuurlijk niveau actief was, weer afscheid. Niet omdat hij zich uitgeleerd voelde – ‘beslist niet; je steekt van elke docent en ook van je medeschilders steeds weer wat op’- en zeker niet uit onvrede, beklemtoont hij. “Maar omdat ik nog zoveel meer passies heb.” Zo is hij jarenlang actief geweest als schaatssporter en –trainer, is hij muziekkenner, -minnaar en ook -beoefenaar. Dat laatste onder andere als gitarist van het eerste uur in het begeleidingsbandje van wat vroeger De Rôner Snik en nu de Rôner Singers heet, een passie vooral van zijn vrouw Aly. Dit alles grotendeels als autodidact. Tussendoor was ie ook nog weer een paar jaar lid van de schildersclub. Wispelturig? Zo ziet Iwe dat beslist niet. “Ik zoek,” zegt ie, “na een jaar of wat steeds weer nieuwe uitdagingen, nieuwe doelen.” Vier jaar geleden vertelde hij, met enige melancholie in zijn stem: “Eigenlijk is de wereld te klein voor me, ik zou er wel solo op uit willen trekken. Maar ja, tussen denken en doen…”
Een van Iwe’s huidige culturele beslommeringen is zijn betrokkenheid bij het organiseren van de tweede editie van Kunstmomenten, de atelierroute langs amateur kunstenaars in de gemeente Noordenveld die vorig jaar een groot succes werd en waarvan het streven is, dat dit jaar, in september, te herhalen, beter nog: te vergroten. “Vooral nu Peize er intensiever bij wordt betrokken wordt dat een happening die we op bepaalde plekken ook met muziek door talentvolle amateur musici willen opluisteren,”licht Hut een tikje van de organisatorische voorbereidingen toe.
Het ergert hem – en hem zeker niet alleen – dat er met name in het dorp Roden te weinig expositieruimte voor amateur kunstenaars is. “Dat je niet in de openbare hal van het ‘nieuwe’ gemeentehuis mag exposeren, vind ik jammer. De gemeente mist zo een kans voor open doel om de amateurkunst breder uit te dragen.” Verwachtingsvol is hij over de deelname aan de Week van de Amateurkunst, die de gemeente Noordenveld van 2 tot en met 9 juni 2012 (mede)organiseert. “Wat mijn grote wens is? Dat met name Roden een naam als kunstdorp krijgt. Op élk gebied. De potentie is er en het zou een prima promotie voor ook het dorp zelf zijn.”