27-07-2010 - 27 juli 2010

Dit is de tweede aflevering in onze vakantieserie “Komkommertrip’, waarin we ‘zo maar’ de hort op gaan om ook ‘zo maar’ mensen die we (dus) willekeurig tegenkomen, te interviewen. Over hun woonplaats, hun straat, hun ergernissen, hun wensen – allemaal vrijblijvend. Wie wordt aangesproken, hoeft zich niet bezwaard te voelen om te weigeren. Dat gebeurt overigens maar hoogst zelden….
Hoewel we met deze rubriek geen ‘onrust’ willen stoken, is het toch goed dat ‘gewone’ burgers zich uitspreken over het woon- en leefklimaat in hun omgeving. Kritiek mag ook best en die aanpak wordt door de meeste door ons ‘aangeschotenen’ gewaardeerd. Gedurende deze vakantietijd nemen we elke week een ander deel(tje) van het verspreidingsgebied van de Krant onder de loep. Leuk om te lezen (hopen we). En nuttig – ook voor de bobo’s en andere hotemetoten – om te lezen. (Tips zijn overigens meer dan welkom!) Maar voor nu: Veel leesplezier gewenst.

He, dát is toevallig: Zo begonnen wij onze komkommertrip vorige week ook; met een zijn stoepje schoon vegende burger. En Gerke Teitsma uit de Kastanjelaan in Roden deed dat als eerste ‘slachtoffer’in déze komkommertrip-aflevering ook: zijn stoepje schoonvegen. Letterlijk dan. De 62-jarige, met een Kärcher-pet getooide geboren Fries woont al 36 jaar in Roden, samen met zijn geboren Marumse Elsina. Hij, Gerke dus, leerde haar kennen achter de boerderij van zijn ouders in Marum. “Jawel, bij de hooiberg, niet erín,”lacht hij. Gerke heeft eerst bij Jarino gewerkt, nu is hij al jarenlang taxichauffeur bij Taxi Nuis. Hartstikke mooi werk vindt hij dat, ‘vooral het vervoer van gehandicapte kinderen.’ In de Kastanjelaan woont Teitsma nu 22 jaar ‘tot onze volle tevredenheid’. Alleen zou de gemeente eens wat soepeler moeten zijn, als hij – en zijn mede-straatbewoners – wat takken van de fraaie bomen in de straat zouden willen afzagen, omdat ze wel erg hinderlijk worden. “Mag niet,”zegt Gerke Teitsma, “Maar ik heb de indruk dat de gemeente met twee maten meet, want de buren hierachter mogen dat wél.” De gemeentepolitiek, daar moet Teitsma niet veel van hebben. “En de landelijke politiek? Dat is helemaal één grote puinhoop.” Een tip voor de medemens heeft hij tot slot ook. “Onderlinge liefde raakt steeds meer in het verdomhoekje. We moeten meer van elkaar accepteren.”

Anita van Rijswijk laat haar dochtertje Susanne lekker spelen op het veldje bij de Dubbellooflaan, waar ze nu anderhalf jaar in Peize woont. En, zegt ze er meteen maar bij: “Met heel veel plezier. Dit is een prachtige buurt voor jonge gezinnen met veel speelruimte voor de kinderen. Perfect. De stemming hier in deze buurt is dat ook, kan niet beter.”Anita verwacht op 30 augustus een tweede kindje. Jongen of meisje, waar hoop je op?, vragen we. Maar Anita geeft wat dat betreft geen krimp:”We weten al wat het wordt, maar daar zeg ik nu nog niks over.” Zij en haar partner komen allebei oorspronkelijk uit Groningen, maar ze hebben ook een tijd in Almelo gewoond. “Maar met alle respect: Peize is toch een stuk leuker om te wonen; mijn partner werkt bij Philips in Drachten en die afstand is ook prima te overbruggen.” De plaatselijke politiek volgt ze ‘een beetje’. En landelijk? “Tja, de gevestigde politieke partijen zitten met de PVV in de maag, hè…” Nog even over Peize: “Een mooi dorp, niks verder aan veranderen. En de sport? We gaan daarvoor naar het Fitnesscentrum in Roden maar voor de jeugd zijn er hier in Peize voldoende verenigingen om te kunnen sporten. Boodschappen doe ik hier in Peize bij de Plusmarkt, of ik ga naar Roden.”

Jaap Wijnja treffen we, onderzoekend kijkend en leunend op het stuur van zijn fiets, bij het kraakpand aan de Zuurseweg in Peize aan. “Gewoon uit nieuwsgierigheid,”zegt de fietsende Peizenaar, die daar 12 jaar aan de Oosterzoom woont en bij de Hanze Hogeschool in Groningen werkt. Peize vindt ie “Een prettig dorp; we hebben hier zo’n beetje alle primaire voorzieningen zoals een bieb en een super. Alleen jammer genoeg is er van gemeentewege niets meer in Peize gevestigd….” Wat het gemeentelijk beleid betreft, dat zou, voor wat Peize betreft, volgens Wijnja ook wel beter kunnen. En moeten. “Voorbeelden? De informatie over de Waterberging naar de burgers toe moet duidelijker, dat geldt ook voor wat er op Peize Noord gebeurt. Wat dat betreft mis ik, met alle respect voor De Krant, de Peizer Hopbel toch wel.” De landelijke politiek volgt Jaap Wijnja, in tegenstelling tot de gemeentepolitiek, wel redelijk intensief. “Ik baal van de PVV en ik baal er ook van dat PaarsPlus, dus VVD, PvdA, D66 en GroenLinks samen in één kabinet, is afgeketst.”

Het echtpaar Dirk en Ina Euverman stopt ook op de Zuurseweg bereidwillig, als we daarom vragen. Dirk, in Haule geboren, en Ina komen net vanaf het zwembad – ‘heerlijk met die tropische temperatuur, als het weer een beetje meezit zwemmen we alletwee elke morgen’- en fietsen nog even een rondje. De Euvermannen wonen nu zes jaar aan de Korvemaker in Peize, nadat ze jarenlang in het Gelderse Heteren hebben gewoond. Dirk werkte in Arnhem op de zuivelfabriek, maar omdat beider familie in het noorden woont, zijn ze hier weer naar toe verhuisd. “En dat bevalt ons prima. Peize is een rustgevend dorp met een prachtige omgeving,”verwoordt Dirk hun beider mening. “De mensen hier zijn toch ook wat minder afstandelijk dan in onze vorige woonplaats,”voegt Ina, die in Groningen als dochter van de directeur van de zuivelfabriek aan de A-weg werd geboren, daar aan toe. Wensen ten aanzien van het dorp heeft het echtpaar echter wel: “Toch graag wat meer winkels, maar ach – vergoelijken ze die wens meteen – Roden is natuurlijk ook dichtbij.” De gemeentepolitiek wordt door beiden niet gevolgd. En wat de landspolitiek betreft, zegt Dirk het te betreuren dat PaarsPlus is mislukt. “Er moet wat mij betreft wél een sociaal kabinet komen,”geeft hij als zijn besliste mening.

Amper zijn meneer en mevrouw Euverman weer op de fiets gestapt, of dáár komt Klaas Staal, net 53 geworden, op zijn motor aanrijden. Achterop heeft hij Peter Dreise, ‘het zoontje van mijn buren’, zitten. Ze stoppen ook bij het kraakpand aan de Zuurseweg. Peter, spits van Peize E3 – ‘maar ik heb de laatste twee wedstrijden van de vorige competitie niet gescoord’ – heeft zakken vol voer voor varkens en katten bij zich. “Ik heb de bewoner van het kraakpand beloofd, om zijn dieren tijdens zijn vakantie te voeren, dus dat gaan we nu doen,”zegt Klaas Staal, die er met wapperende haren, woeste baard en tatoeages alom ‘vervaarlijker’ uitziet dan de vriendelijkheid, die hij tijdens ons gesprekje uitstraalt. Nee, de motor waarop hij nu rijdt, is geen Harley Davidson, zegt ie op de wat dommige vraag van de verslaggever. “Thuis, aan De Vennen, heb ik in de woonkamer wél een echte Harley staan. Die ben ik aan het reviseren zodat ie er straks weer spic en span uitziet. Ja, motorrijden is mijn lust en mijn leven. Meteen op mijn achttiende had ik mijn motorrijbewijs al; mijn autorijbewijs behaalde ik pas op mijn 25-ste.” Momenteel heeft Klaas geen werk; hij zat voordien 29 jaar in de verzinkerij. Wat hem het meest aan Peize boeit, willen wij van de in dat dorp geboren en getogen motorfreak
weten. “De feesten,”geeft ie lik-op-stuk. (Peter knikt, zo jong hij al is…) “Maar,”voegt Staal er meteen met een zweem van spijt (?) in zijn stem aan toe, “dat wordt voor mij toch allemaal wat minder. Vroeger, ja vroeger, toen was de stad Groningen voor mij de plek om uit te gaan. Hard rock, weet je wel. En wat Peize betreft: het wordt toch meer en meer een slaapdorp.” En nee, van de gemeentelijke en landelijke politiek moet Klaas Staal niks hebben. “Rotzooi”, is het enige woord dat ie er over kwijt wil. Zijn mening over Peize is ook kort-en-bondig: “Peize moet zo blijven als het nu is.”

Deze komkommertrip eindigt zoals hij begon: met een haar stoepje schoonvegend ‘slachtoffer’. Het is Jannie Arents, die daar voor haar woning aan de Schoolstraat in Peize mee bezig is. Geboren Paister Jannie vindt haar dorp (nog steeds) “hartstikke mooi, alleen zouden er nog wat meer winkels bij moeten komen.” Hier, aan de Schoolstraat, woont ze al vijftig jaar met haar Chris – ook geboren en getogen in Peize – die net komt aanfietsen. Jannie is op De Streek geboren, Chris woonde schuin tegenover haar, als zoon van een kweker. “In dat opzicht passen we ook mooi bij elkaar,”zegt ze. “Want tuinieren is ook mijn hobby.” Over haar Peize steekt Jannie graag de loftrompet: ”Het is hier nog zo mooi landelijk, een ouderwets dorpje met niet veel industrie. Nee, ik erger me echt aan niks, ‘k zou ’t niet weten.” Chris knikt mee bij de lovende Peizer woorden van zijn gade. Hij zat tot zijn vijfendertigste ‘in de bloemen’ en vanaf die leeftijd werkte hij als bloemist bij de gemeente Groningen. Het groenbeleid van de gemeente Noordenveld valt Chris niet tegen. “Hoewel, ik vind Peize qua groenvoorziening toch mooier dan Roden,” beoordeelt ie als kenner kritisch. Veranderingen in Peize hoeven van het echtpaar niet. “Of ja, ik vind dat er op de Brink weer een muziekkoepel moet komen,”zegt Chris op de valreep. “Ik ben 37 jaar lid van de muziekvereniging Excelsior hier geweest en vond ‘buiten’ muziek maken altijd fantastisch. Ik ben overigens helemaal een liefhebber van volksmuziek. Daar mag je me ’s nachts voor wakker maken.” Over de politiek is het echtpaar eensgezind: “Ach, je hebt niet veel in te brengen,”wordt er tweestemmig kort en bondig geconstateerd. En de landspolitiek vinden ze helemaal ‘een puinhoop’. Allebei. Of ze, vragen we wat quasi-plechtig, nog een boodschap voor het volk hebben. Jannie: “Het belangrijkste vind ik, dat je lief moet zijn voor elkaar.” En Chris vult naadloos aan: “Naoberschap!” – daar meteen aan toevoegend: “Dat zit hier in deze buurt wel goed.” Jannie knikt.