10-06-2008 - 10 juni 2008

Het nieuws ligt op straat. Ja hoor, ook in de uwe. En als er geen nieuws is? Dan máák je het toch? Dat gaat in de media al tientallen jaren zo. En, euh, kijk maar eens naar de herhalingen op de tv. Oké, het EK-voetbal zal de komende weken veel van ons aller aandacht opeisen. En daarna de Tour de France en de Olympische Spelen. Maar het regionale (sport)nieuws wordt minder. De vakanties komen er ook aan. Tóch handhaven we onze stelling: Er is genoeg te doen, ook in deze regio. En zo niet, dan máák je toch nieuws, zoals overigens ook in de rest van het jaar vaak wordt gedaan. Laat u niets wijsmaken: veel ‘hypes’ zijn door media geconstrueerd, in elkaar gezet. Omdat ‘u’ keer op keer opnieuw geprikkeld wilt worden. De Krant gaat dat in de komende nieuwsluwe weken ‘anders’ doen, laat mensen uit de regio, misschien wel uw buren, aan het woord over onderwerpen die heel dicht bij ook úw deur liggen. Maar niets is ‘gemaakt’, alles is puur….. Daarom zult u de komende weken regelmatig deze pagina in de Krant aantreffen. Een ‘mensen’pagina, die u niet snel ‘elders’ zult aantreffen. Maar niks Komkommertijd. Hooguit: Komkommertrip!
Binnen anderhalf uur een stuk of acht, negen willekeurige mensen over een paar te voren vaststaande onderwerpjes interviewen. Over hun persoonlijke ergernissen, over het gebruik van een mobieltje. En voorspellend wat de uitslag van de gisteravond gespeelde EK-wedstrijd Nederland-Italië zou worden. Dát was de taak, die het Komkommertrip-team zich vorige week woensdagochtend ten doel stelde. En dat dan niet op één & dezelfde plek, maar kriskras door het verspreidingsgebied van de Krant. Een mooie uitdaging, waarbij je ook wat geluk moet hebben. Want (uiteraard) is niet elke willekeurig aangesproken passant van zo’n onverwacht mini-gesprekje gediend.
Maar we hadden bij deze première alles mee. Dat bleek al bij het eerste ‘slachtoffer’, mevrouw Veenstra uit Niebert die we in Nietap – op weg naar de opticien, zei ze – aanschoten. Mevrouw Veenstra hád al zo’n mooie bril op, maar die zou ze ‘inwisselen’ voor een andere (nog mooiere?) omdat ze net aan haar ogen was geopereerd. Persoonlijke ergernissen had ze, zo vertelde ze al wandelend want ze stond ‘op tijd’, niet. “Je mag me een gelukkig mens noemen.” Haar mobieltje gebruikte ze ‘heel enkel’. “Hoewel mijn zoon zegt dat ik hem altijd ‘aan’ moet hebben, omdat ik dan altijd bereikbaar ben. En met vakantie is het ook wel handig,” bekent ze, stevig voortstappen. En voetballen, het EK? ”Ja, dat volg ik wel. Hoe de uitslag van de wedstrijd Nederland-Italië wordt? Ik denk dat de Italianen met 1-0 winnen. Maar ik heb nu echt haast.”
In winkelcentrum Liekeblom in Leek treffen we, meteen bij de ingang, Arianne Eelkema en haar anderhalfjarige zoontje Danny uit De Wilp aan. Boodschappen doen, want: ”Ik ben dol op spareribs. En verder – vertelt ze ongevraagd in één adem door – ben ik gek op de Hollandse pot. Aardappelen, bloemkool, een lekkere gehaktbal, hmmm. Of willen jullie dat niet weten?” Eigenlijk niet dus, maar het staat hier genoteerd. Ergernissen heeft Arianne ze niet, in ieder geval geen noemenswaardige, beantwoordt ze de standaardvragen opgewekt. En haar mobieltje heeft ze altijd aan. “Lekker makkelijk, ik zou niet meer zonder kunnen.” Alleen omdat haar man een voetballiefhebber is, volgt ze het EK-voetbal op afstand. “Maar meer ook niet, nou ja, nu met een beetje meer belangstelling omdat we aan een poultje meedoen. Als je mij vraagt wat wie de wedstrijd Nederland-Italië wint – spelen die als eerste tegen elkaar? – dan gok ik op een 2-1 zege voor Italië.”
Coby Mulder uit Zevenhuizen is ons derde slachtoffer. Ze is, monter voortstappend, op weg naar de CD-shop in Leek om daar – als cadeautje – een CD-bon te kopen. “Is altijd leuk,” zegt ze, zichzelf een muzikale omnivoor noemend want ze houdt van elke muziek wel een beetje. Haar grootste ergernis?, komen we meteen ter zake. “Daar vraag je me wat, gunst, laat me even nadenken. O ja, daar schiet me wat te binnen. Iets algemeens: Veel mensen zijn veel te gehaast, hebben nooit tijd, ook niet voor vrijwilligerswerk waar de hele gemeenschap baat bij heeft. Ach, dat zijn natuurlijk peanuts, maar toch. Eigenlijk denk ik heel positief over de mensen.” Coby is in Zevenhuizen geboren en getogen. “Het is een leuk, klein dorp waar gezamenlijk veel gebeurt. Wat ik er (nog) mis? Tsja, een fitnesscentrum zou wel leuk zijn.” Haar mobieltje gebruikt ze veel. “Ik heb drie kinderen en wil altijd voor hen bereikbaar zijn.” Het voetballen – de derde standaardvraag – zegt Coby niet veel. “Maar de drie jongens zijn alledrie op het voetballen, dús houden we – ook mijn man is nu niet bepaald een voetbalfan – het vooral bij omdat het hen interesseert. Speelt Nederland als eerste tegen Italië? Wist ik niet. We gaan wel kijken, voor de jongens dus. De uitslag? Ik hoop dat Oranje met 2-1 wint.”
Roel Akker, geboren en getogen in Tolbert, hoeft niet lang na te denken over vraag 1: wat is uw grootste ergernis? “Haha, die heb ik niet, nou ja je stoort je wel eens aan de slappe mentaliteit van sommige mensen maar ik vind: leven en laten leven.” Zijn mobieltje heeft Roel van zijn kinderen gekregen en daar is ie blij mee (met het mobieltje én vooral met de kinderen). “Onze zoon woont in Zwolle en de dochter is net van een half jaar Londen terug, een mobieltje vergemakkelijkte de communicatie wél. Ik noem het mijn digitale touwtje. En voor de rest: alleen een paar goeie vrienden hebben mijn 06-nummer.” Van voetballen houdt Roel niet. “Maar ja, mijn vrouw is wél een fanatieke fan, dus ben ik verplicht mee te kijken, haha. Je wilt mijn voorspelling voor Nederland-Italië weten? Gelijkspel, 2-2, daar houd ik me lekker mee op de vlakte.”
Frank Lie staat als een professionele, zelfs met een fraaie blauwe helm uitgedoste, hovenier aan de buitenkant van zijn tuin, aan de rotonde bij de Molenweg in Niebert, te werken. “Die berm onderhield voorheen de gemeente Marum, maar nu die dat nalaat wil ik het zelf wel goed bijhouden, ’t is anders zonde van ons mooie hekwerk. D’r wordt hier aan de Halbe Wiersemaweg wat afgeraced hoor, dat daar niet meer ongelukken van komen…. Je mag hier 60 rijden, maar vooral in de weekends rijdt de jeugd wel dubbel zo hard, dat is meteen ook mijn grootste ergernis,” komt de geboren Antilliaan die je zijn 57 jaar zeker (in hoveniersdracht) niet aan hem afziet, meteen ter zake. Dat ie er nog zo ‘strak’ uitziet komt door zijn sportieve inslag, vertelt hij. “Ik deed veel aan karate en kickboksen.” Zijn mobieltje gebruikt Frank veel. “Maar ik zou wel zonder kunnen,” zegt ie aarzelend de vraag naproevend. Over de uitslag van de EK-wedstrijd Nederland-Italië is hij heel gedecideerd: 2-1 voor Oranje. En, als we al op het punt staan om weg te rijden, komt hij tóch nog met een ‘ongewisheid’ Want: “Waar zou de nieuwe rondweg hier komen?” Wie het weet, mag het zeggen…..
De paden op, de lanen in. Stevig stappen de dames (hartsvriendinnen?) Henny (‘let op, met een y!’) van der Vries en Hilda Vlastuin, allebei in Marum wonend, op het Komkommertrip-team af. De dames lopen drie keer per week met pittige tred samen. “Dat is goed voor onze conditie.” Ja hoor, we mogen hun best wat vragen, lachen ze al bij voorbaat. “Als het maar niet over mijn slordige haar is,”grapt Henny. De goedlachse dames zijn het over de grootste ‘algemene’ ergernis snel eens. “De parkeerproblematiek in het centrum van Marum,” komt het uit beider monden. Hilda voegt daar na enig nadenken aan toe:”En het vuilnis in het buitengebied. Het industrie terrein is ook zo verpauperd,” zegt ze er nog snel achteraan. Ze gebruiken allebei hun mobieltje veel. “Vooral voor de kinderen, ik zou niet meer zonder kunnen, ik heb hem ook altijd bij me,”zegt Henny. En Hilda schrikt: “Gunst, ik nu niet….” Ze zijn allebei voetballiefhebsters, dus het EK gaat – ‘in Oranje, wat denk je!’ – goed gevolgd worden. “3-1 voor Nederland,” prognotiseert Henny de uitslag van de eerste poulewedstrijd. Hilda doet het voor iets minder: 2-1 voor Nederland. “Schrijf je ook even op, dat het in Marum leuk wonen is? Alles aan voorzieningen heb je hier. En het winkelcentrum wordt ook steeds beter,” geeft Hilda Vlastuin nog een stukje Marum-promotie ten beste. Zij komt oorspronkelijk van Surhuisterveen maar voelt zich in Marum ‘lekker thuis’. Henny van der Vries is van origine Tolberter. Zij neemt de gelegenheid waar om even te zeggen dat haar broer trainer van Tolbert is. “En mijn moeder was niet blij met wat jullie in de Krant over hem hebben geschreven, dúrf je ook dát op te schrijven?, ” maakt ze van haar hart geen moordkuil. Maar het afscheid is vervolgens héél vriendelijk….
Yvette Kooistra uit Jonkersvaart maakt deel uit van een groepje fietsende vriendinnen dat er bijna om wil tossen, wie het woord mag voeren. De dames zitten in 3 vwo op de Lindenborg in Leek en doen heel veel gezamenlijk. Goed, het wordt na rijp beraad dus Yvette, die meteen onvervaard als gezamenlijke grootste ergernis stelt: “Dat sommige meiden wel heel erg arrogant doen en sletterig zijn; dat wil zeggen té opvallend de aandacht van de jongens opeisen.” Zo, die zit! Hun mobieltjes gebruiken de dames veel. “Vooral om te sms-en.” Voetbal interesseert Yvette niet zo bar veel maar:”Je bent voor je eigen land dus wint Nederland met 2-1 van Italië.” En verder? “We hebben in doorsnee wel een leuke klas. En mag Els nu ook nog even wat zeggen? ” (Het groepje meiden ondersteunt dat met: ‘Ja ook Els even!’)
Oké. Scholier Els Bruins (uit Zevenhuizen) wil heel openhartig best even haar grootste ergernis, haar zelf betreffende, kwijt: “Ik ben zo jaloers.” Vraagtekens (van het Komkommertripteam) lokken de volgende verklaring uit:”Ik heb nog niet lang geleden in Suriname, op vakantie, een jongen leren kennen die ik nadien hier in Nederland nog twee keer heb gezien. Ik ben – eerlijk gezegd – smoor. Maar hij woont in Tiel. Tsja, en de verleidingen zijn groot. Ik wil hem, maar wil hij míj ook?” Wat kan het leven op die leeftijd mooi zijn, mijmert de verslaggever eventjes stil voor zich uit. Maar hij wordt snel tot de werkelijkheid terug geroepen door nóg twee statements van Els: “Straks, met de kerst, verhuist mijn beste vriendin Marleen Willems uit Zevenhuizen naar Apeldoorn. Wil je nu al vast opschrijven dat ik haar zal missen? En o ja, tegen mijn zus wil ik zeggen: ‘Het spijt me.’” Bijna vergeten we háár naar het voetballen te vragen. “Mijn vader en m’n broer zijn voetbalfanaten, dus zullen we thuis wel moeten,”zegt ze koeltjes. De uitslag? “Italië wint met 2-0.”
Lachend en met hun fietsen de hele straat over zwierend nemen de meiden afscheid. En wij ook. Tot de volgende week.