Dit zou wel eens mijn allerlaatste minikul-stukje kunnen zijn. Zeg nou niet meteen ‘gelukkig, dat werd tijd ook,’ dat is zó flauw. Want serieuzer: het zou kunnen dat na morgen geen krant – ook deze niet – meer bij u in de bus valt. Om de simpele reden, dat er dan geen brievenbussen meer zijn.
Laat ik het nóg cruer stellen: Dat u en ik en uw buren er zelfs helemaal niet meer zijn. Gelukkig houd ik met de woorden ‘het zou kunnen’ heel wat slagen om de arm. Maar veel mensen en echt niet alleen maar doemdenkende dompies, integendeel, zijn er van overtuigd dat op woensdag 21 december om elf over elf – of dat ’s middags of ’s avonds zal zijn is nog niet bekend – de aarde vergaat. Dan loopt namelijk de ‘gevreesde’ Maya Kalender af, heeft ons laatste uur geslagen, vergaat de wereld. Wie meer wil weten over die Maya kalender die op 11 augustus 3114 voor Christus tot stand kwam, moet op internet dat begrip eens intikken. Je krijgt dan een fascinerend inzicht wat dit behelst. Inmiddels zijn er ook ontelbare websites aan het naderende einde der aarde gewijd. Hoe dat er uit zal gaan zien, daarover zijn diverse scenario’s in omloop. Er wordt gerept over een nieuwe ijstijd, vulkaanuitbarstingen, inslaande astroïden, vloedgolven, ga maar door. Maar tegenover de vele Maya-gelovigen staan (gelukkig!) nog méér wetenschappers, die dit alles maar onzin vinden. Het enige reële gevaar dat de aarde van buiten af bedreigt, schijnt volgens hen een enorme inslaande astroïde te zijn. Maar het staat ook zónder wetenschappelijk onderzoek onomstotelijk vast dat u & ik dit niet zullen meemaken. Want de eerste recht op ons afstormende astroïde zal niet eerder dan in 2880 de aarde bereiken. En astronomen weten nú al, hoe ze de baan van zo’n gevaarlijke ruimtesteen moeten ombuigen. Een veel interessantere vraag is, of de aarde in 2880 een betere plek is geworden. Heeft de mensheid dan, om maar één voorbeeldje te noemen, klimaatverandering écht onder de knie? Of is de aarde inmiddels geworden als Mars: een uitgestorven, dorre planeet? De allergrootste bedreiging voor het voortbestaan van de aarde zit overigens in onszelf. Maar het is zéker niet aan mij, om u daar schijnheilig op te attenderen. De balk in mijn oog is daar te groot voor. Tot de volgende week?