10-05-2011 - Rouw en Trouw 10-5-2011

In Assen werd donderdagmorgen afscheid genomen van Hendrik- Henk- Brand. Definitief. Henk, want zo werd hij door iedereen genoemd, werd 77 jaar. Brand kreeg het afscheid dat hij verdiende: waardig, respectvol en met zijn muziek. Bewonderenswaardig waren zeker ook de woorden van zoon Erik, die zijn vader, ook namens broer Rob en zus Jolanda, bedankte voor alles wat Henk voor hen had betekend. ‘Je was een kanjer, pa. Rust zacht’
Geheel onverwacht kwam de dood van Henk Brand (van 4 december 1933) niet. Al een periode ging het minder en minder met zijn gezondheid. Ook zijn soms wat negatieve levensopvatting hielp niet echt mee. Het was goed zo. Henk’s tijd was gekomen. Henk heeft nu rust, rust waar hij toch al een tijdje naar op zoek was.
Op de vraag hoe het met hem was, antwoordde Henk steeds vaker met ‘matig’. Tekenend voor iemand die alles uit het leven gehaald heeft, en voelde dat zijn einde naderde. Niet voor niets liet Henk – gevraagd en ongevraagd- weten dat zijn einde wel eens sneller kon komen dan mensen zouden denken. Of zouden willen.
Over de doden niets dan goeds. Een veel gebruikt gezegde tijdens afscheidsbijeenkomsten. Niet zelden worden overledenen geprezen voor al het goede dat ze in hun leven gedaan hebben. De mindere kanten – en wie heeft die niet- worden tijdens een afscheidsplechtigheid slechts zelden genoemd. Bij Henk’s afscheid was dat duidelijk anders. Ook omdat de familie dit wilde. Henk was zoals hij was, en daar hoorden ook zijn mindere kanten bij.
Henk Brand werd geboren in Deventer, waar zijn ouders destijds een groentezaak runden. En dus moest ook Henk al vroeg aan de bak. Later werkte hij eerst voor het Staatsgasbedrijf Deventer, dat vervolgens weer overgenomen werd door de Gasunie. An was dé grote liefde in het levend van Brand. De vonk sloeg over tijdens het dansen en in 1960 trouwden ze, om in Colmschate te gaan wonen. Later belandde het stel in Roden. Daar ook woonde Hendrik tot aan zijn dood, op 30 april 2011.
Henk hield van reizen. Bijzonder: hij nam zijn drie kinderen elk apart mee op vakantie. Met Erik bijvoorbeeld, reisde hij naar Amerika. Henk zag veel van de wereld en genoot. Van muziek – hij speelde zelf jarenlang in een band- en van zijn sigaartje. En van zijn Zware Van Nelle, die hij op bijzonder creatieve wijze zelf altijd vers wist te houden. Henk was een mens, en dus had ook hij zijn mindere periodes. Dan wilde hij nog wel eens ietsje teveel drinken. Het bedreigde zelfs de innige relatie tussen Henk en An, die zelfs even uit elkaar gingen. Later kwam alles weer goed en was het immer goed toeven aan de Lijsterbesstraat in Roden. Henk genoot wel, van zijn klein- en achterkleinkinderen bijvoorbeeld- maar was geen geboren optimist. Na ellende aan de heup en dijbeen, kreeg Henk ook een zware longontsteking en begon de verzwakte Henk aan de laatste periode van zijn leven. Kleinzoon Dion en ook de rest van de familie verzorgden hem en beetje bij beetje leek Henk toch weer op te krabbelen. ‘’Om deze oude man hoeft niemand zich zorgen te maken’’, was één van zijn (vele) lijfspreuken, uiteraard deden zijn vrouw, kinderen en achterkleinkinderen dat wel. De mededeling dat Henk op 30 april was overleden kwam weliswaar niet onverwacht, desondanks kwam het toch nog hard aan. Logisch.
En dus zal Henk zijn tweede achterkleinkind, die er aan komt, nooit leren kennen. En dat is een hard gelag. Henk bleef tot zijn dood overigens modern. Muziek bijvoorbeeld, niet zelden kwamen de klanken van Earth, Wind and Fire, Sergio Mendes en Herman Brood je al ver voor de voordeur tegemoet. Het behoeft dan ook geen betoog dat juist deze drie artiesten ook donderdag in het crematorium in Assen klonken. Met name het laatste nummer was indrukwekkend en zei eigenlijk alles: ‘My Way’ van Herman Brood. Henk deed het óók op zijn manier. Tot de laatste minuut. ‘Ik vind het leuk dat jullie komen, nóg leuker vind ik het dat jullie weer weg gaan’’, was ook al zo’n lijfspreuk van Henk Brand, de man aan wie donderdag op indrukwekkende wijze de laatste eer werd bewezen.